 |
Rol van de natuurbeschermingsverenigingen Aan de Nederlandse kant is het grootste deel van de gronden in bezit van enkele grote landgoedeigenaren. Dat maakt, dat deze landgoederen gekoesterd worden. Langs Vlaamse kant is het grootste deel in handen van de gemeente Kalmthout.
De natuurwaarde was in het verleden niet voor iedereen duidelijk en het economische belang prevaleerde vaak. Talrijk zijn de voorbeelden van turfwinning, zandafgravingen, droogleggingen en noem maar op.
Gelukkig kwamen er reeds vanaf het begin van de twintigste eeuw protesten op gang tegen deze ontginningen van de heide en de verminkingen van het landschap. Nogal wat Antwerpenaren, onder wie veel kunstenaars, hadden reeds de schoonheid en de natuurwaarde van de Kalmthoutse Heide ontdekt. Ze hadden zich verenigd in de Vereniging voor Natuur- en Stedenschoon, die reeds in 1913 de oprichting van een ‘natuurreserve’ bepleitte. Ze werden hierin gesteund door de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen. De strijd om het behoud óf de ontginning viel stil tijdens de Eerste Wereldoorlog, maar trad in een nieuwe fase met de Wet op het Behoud van Monumenten en Landschappen van 1931.
Uiteindelijk was het nog wachten totdat in 1941 de rangschikking als landschap plaatsvond. Zonder de rol van de Vereniging voor Natuur- en Stedenschoon zou er nu geen Kalmthoutse Heide meer resten en zou het Grenspark heel wat van zijn waarde verloren hebben.
|  |